logoheader-fotos
Home | wegwijzer | over de vraagbaak | disclaimer | informatie bewaren | sitemap |
dorpshuizen.nl
Zoeken

Drank-en horecawet
Alcoholbestuursreglement
Instructie barvrijwilliger
Sociale hygiëne
Hygiëne HACCP
Warenwet
Koolzuurgas
Rookruimte
Milieuwetgeving
Legionella preventie
Buma Sena Videma
Reprorecht
Exploitatievergunning
APV
Home > Barexploitatie > Wetgeving > Milieuwetgeving
3.3.4 Milieuwetgeving

Dit artikel wordt binnenkort geactualiseerd.

Klik hier voor informatie over Afvalscheiding

Op 1 oktober 1998 is er een nieuwe Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) van kracht geworden. Dit Besluit Horeca-, Sport- en Recreatie-inrichtingen Milieubeheer vat de nieuwe regels met betrekking tot geluidsoverlast, rioollozingen, geurhinder, de mogelijkheden om tijdelijk ontheffing te krijgen voor geluidsnormen en een aantal andere bepalingen die gelden voor accommodaties.
De AMvB Horeca-, Sport- en Recreatie-inrichtingen heeft (zoals de naam al zegt) betrekking op vele duizenden instellingen. Ook zwembaden, sportcomplexen en stadions vallen in veel gevallen onder de regels in de nieuwe AMvB.
In dit artikel geven we een overzicht van de belangrijkste veranderingen en nieuwe regels die per 1 oktober 1998 gelden voor accommodaties. In grote lijnen zijn er geen ingrijpende veranderingen ten aanzien van de oude regels ingevoerd. Wel zijn er een aantal bepalingen op het terrein van afvalstoffen, veiligheid, energieverbruik en besparing bijgekomen. Ook is er een verplichting in de regels opgenomen over het bewaren en beschikbaar stellen van documenten.

Geluidsnormen
De geluidsnormen waaraan een accommodatie zich moet houden als het gaat om de activiteiten die er plaatsvinden, zijn versoepeld. In de verschillende perioden van de dag
mogen accommodaties 5 dB(a) meer geluid produceren dan in de oude AMvB. Onderstaande tabel geeft de nieuwe geluidswaarden aan:

                                       07.00-  19.00   19.00-23.00   23.00-07.00
Laag op de gevel van woningen   50 dB(A)   45 dB(A)   40 dB(A)
Laag in in- of aanpandige woning   35 dB(A)   30 dB(A)   25 dB(A)
Piekniveau op de gevel van woningen   70 dB(A)   65 dB(A)   60 dB(A)
Piekniveau in- of aanpandige woning   55 dB(A)   50 dB(A)   45 dB(A)

Het geluid wordt gemeten op de gevel van de omliggende woningen of op 50 meter van de erfscheiding van de accommodatie. Bij in- of aanpandige woningen wordt gemeten in die woningen. Deze 'versoepeling' is niet gering, vooral niet als je kijkt naar de kosten die gemoeid zijn met het isoleren van accommodaties. Veel geluidsoverlast kan met relatief eenvoudige middelen worden weggenomen. Maar vooral de laatste dB(a)'s isoleren brengt de hoogste kosten met zich mee. In de oude AMvB werd een onderscheid gemaakt tussen bijvoorbeeld accommodaties gelegen op het platteland die minder geluid mochten produceren dan bijvoorbeeld accommodaties in de stad. Dit onderscheid wordt niet meer gemaakt.

Muziekgeluid dat meestal de grootste overlast veroorzaakt, wordt net zoals in de oude regelgeving zwaarder beoordeeld en gestraft. Voor muziekgeluid geldt dat er 10 dB(a) minder van mag worden gehoord in de verschillende perioden van de dag zoals vermeld in de tabel.

Wat niet meegerekend wordt bij de vaststelling van de geluidsproductie, is het geluid van de komende en gaande bezoekers op het parkeerterrein dat bij de accommodatie hoort en het geluid dat afkomstig is van een terras in de openlucht. De accommodatie heeft echter wel de plicht om geluidsoverlast veroorzaakt door de komende en gaande bezoekers zoveel mogelijk in te perken. Dat dit nog geen eenvoudige opdracht is voor een bestuur van een accommodatie, blijkt in de praktijk.

De gemeente en de twaalf dagen-regeling
De gemeenten kunnen vrijstelling geven voor de geluidsnormen. Deze regeling stond bekend als de twaalf dagen-regeling. Maximaal twaalf dagen per jaar kon een accommodatie ontheffing krijgen voor het houden van festiviteiten. Deze regeling is versoepeld. Bij gemeentelijke verordening kan de gemeente een aantal algemeen erkende feestdagen vaststellen waarbij de geluidsnorm overschreden mag worden. Te denken valt aan Koninginnedag, viering 5 mei enzovoort. Daarnaast kan de gemeente aan een accommodatie maximaal twaalf dagen (of delen van dagen) ontheffing verlenen van de geluidsnormen. Deze laatste mogelijkheid moet per keer worden aangevraagd bij de gemeente.
Maximaal kan een accommoatie dus 24 keer per jaar een ontheffing krijgen. De invulling van deze regeling is echter geheel aan de gemeente en zal dus per gemeente gaan
verschillen.

Een ontheffing betekent niet dat nu de knoppen maar opengedraaid kunnen worden. In de AMvB staat een algemene zorgplicht vermeld dat ook bij ontheffing de instelling er op moet toezien dat zoveel mogelijk geluidsoverlast moet worden voorkomen. Dit is beslist geen loze verplichting omdat een gemeente zich wel twee keer zal bedenken om weer een ontheffing te verlenen als er veel klachten zijn over de accommodatie en het eenmalig gehouden feest.

De gemeente en de geluidsnormen
De gemeente kan afwijken van de geluidsnormen en gebieden aanwijzen waar hogere of lagere geluidsnormen gelden. Het gaat dan vooral om zogenoemde horecaconcentratiegebieden in de grotere plaatsen. Het is niet waarschijnlijk dat accommodaties in de toekomst gaan vallen in een gebied waar ruimere geluidsnormen gaan gelden. Onze verwachting is dat accommodaties zich moeten houden aan de tabel die we bij dit artikel hebben weergegeven.

Afvalstoffen

In de AMvB wordt de verplichting aangegeven om afval gescheiden in te zamelen. In de praktijk zal dat gaan op de wijze die gebruikelijk is in de gemeente waar de accommo-
datie ligt.

Afvalwater
Speciale aandacht is er voor bedrijfsafvalwater. Bedrijfsafvalwater mag de doelmatige werking van het riool of de waterzuiveringsinstallatie niet belemmeren. Dit betekent in de praktijk dat, wanneer het afvalwater meer oliën en vetten bevat dan 300 mg/liter er in de keuken van de accommodatie een slibvangput en een vetafscheider moeten worden aangebracht. Deze voorzieningen moeten voldoen aan NEN-eisen die genoemd worden in de AMvB. Bevat het afvalwater uit de keuken minder oliën en vetten dan 300 mg/liter dan moet er in ieder geval een controlepunt aanwezig zijn. Deze voorzieningen moeten uiteraard aangebracht worden op die plaats voordat het keukenafvalwater vermengd wordt met ander afvalwater uit de accommodatie.

Lucht en geurhinder
Verwarming- en stookinstallaties moeten goed afgesteld zijn. Er is een verplichting om één maal per jaar onderhoud aan verwarmingsinstallaties te laten verrichten. Eventuele
keurings- en onderhoudsrapporten en nderhoudscontracten moeten aanwezig zijn in de accommodatie of bij één van de bestuursleden en moeten bij controle door een gemeentelijke milieuambtenaar worden getoond.
Vrijkomende dampen uit de keuken of van de frituur moeten afgezogen worden en door een verwisselbaar of reinigbaar vetfilter worden geleid. Eventueel kan ook een ontgeuringsinstallatie worden aangebracht. Er zijn normen op welke afstand van de omringende bebouwing de dampen moeten worden afgezogen. In de praktijk moet de gemeente in overleg met de accommodatie bekijken wat de juiste oplossing is. In situaties dat een accommodatie zó vrij staat of dat de keuken zó incidenteel wordt gebruikt, kan men
vrijstelling krijgen. Dit moet per geval worden beoordeeld door de gemeente.

Als de accommodatie slechts gebruik maakt van een frituurpan met een inhoud van niet meer dan vier liter en er kookketels aanwezig zijn met een inhoud van niet meer dan 25 liter, zijn de regels met betrekking tot het afzuigen van dampen niet van toepassing.

Verlichting
In sommige gevallen ligt een accommodatie naast de sportvelden en bevindt de kleedruimte zich in de accommodatie. Als er verlichting op het sportveld is aangebracht, mag die niet branden tussen 23.00 en 7.00 uur. De installatie mag alleen branden wanneer er sport of onderhoud plaatsvindt. Directe lichtinstraling in huizen is niet toegestaan. Er bestaat een ontheffingsmogelijkheid voor festiviteiten, gelijk aan die bij geluidsnormen.

Indirecte hinder
De accommodatie is verantwoordelijk voor zwerfvuil dat buiten achtergelaten wordt door bezoekers van de accommodatie. Er is in de AMvB uitgegaan van een straal van 25 meter rondom de accommodatie. Men is ook verantwoordelijk voor de geluidshinder die veroorzaakt wordt door de komende en gaande bezoeker.

In de regels wordt gesproken over organisatorische mogelijkheden zoals het sluitingstijdstip vroegtijdig aankondigen, het uitzetten van de muziek zodat de bezoekers alvast ingesteld raken aan het vertrek en niet meer luid praten, tot maatregelen in de sfeer van
alcoholmatigingsbeleid. Met name het beheersen van deze indirecte hinder kost de besturen van accommodaties nogal wat tijd en moeite.

Veiligheid

Er zijn een aantal regels met betrekking tot plaatsing van de brandschakelaar en de afsluiter van de brandstoftoevoer van verwarmingsinstallaties met een vermogen van meer dan 130 kW. Deze normen zijn niet nieuw en als het goed is houden installateurs daar rekening mee. Een frituurtoestel moet thermisch zó beveiligd zijn dat de olie niet heter wordt dan 200 graden Celsius. Dit geldt ook voor de frituurpan van minder dan vier liter.Een open pan op het vuur is ten strengste verboden.

De opslag van milieugevaarlijke stoffen (schoonmaakmiddelen, bestrijdingsmiddelen) moet zó zijn dat bij lekkage uit de verpakking de vloeistoffen worden opgevangen en niet weglopen in bijvoorbeeld een schrobput.

Controle van installaties en voorzieningen
Tenminste een maal per jaar moet onderhoud worden gepleegd aan de verwarmingsinstallatie.
Brandblusmiddelen moeten ook jaarlijks worden gecontroleerd. Vetafscheiders en slibvangputten moeten regelmatig worden gereinigd en op hun werking worden gecontroleerd. Van dit controleren en reinigen moet een logboek worden bijgehouden.

Ook alle andere voorzieningen zoals vetvangende filters en afzuiginstallaties moeten regelmatig onderhouden worden en op hun werking worden gecontroleerd.

Bewaren van documenten
De accommodatie is verplicht onderhoudscontracten en onderhoudsrapporten te bewaren. Dit geldt ook met betrekking tot de jaarverbruikcijfers van gas, water en elek-
triciteit. Veiligheids-informatiebladen over bijvoorbeeld de brandblussers, maar ook een akoestisch rapport van de accommodatie dienen beschikbaar te zijn als er controle komt door een milieubeambte van de gemeente. Samen met het registratieformulier van de Kamer van Koophandel moeten de documenten aanwezig zijn in de accommodatie of bij het verantwoordelijk bestuurslid.

Melding bij de gemeente en het akoestisch rapport
Besturen van accommodaties die gaan verbouwen of nieuwbouw gaan plegen, moeten dit melden bij de gemeente. Afhankelijk van het te verwachten geluidsniveau in de accommodatie moet bij de melding een akoestisch rapport worden geleverd. In de praktijk krijgt men van de gemeente een standaardmeldingsformulier als men een
bouwvergunning aanvraagt. Op basis van de door de accommodatie verstrekte gegevens wordt bepaald of er een akoestisch rapport gemaakt moet worden. Voor vrijstaande accommodaties ligt de grens bij een binnenniveau van 80 dB(a) en bij aanpandige accommodaties bij 70 dB(a). Wanneer er aan de bar mensen staan te praten en er staat
achtergrondmuziek aan, wordt het niveau van 80 dB(a) al snel gehaald.
Muziekuitvoeringen en bijvoorbeeld disco halen een niveau van tegen de 100 dB(a). In veel gevallen zal bij een ingrijpende verbouwing een akoestische rapportage moeten
worden gemaakt. Een akoestisch rapport kost al gauw enige duizenden guldens. Bij twijfel over het te verwachten binnenniveau zal de gemeente zelf moeten aantonen dat er
een overschrijding van de geluidsnormen plaats gaat vinden. Dan zal de gemeente zelf een akoestisch rapport moeten laten maken. De gemeente kan op basis van gegevens en de te verwachte activiteiten in de accommodatie ook bepalen dat er geen akoestisch rapport hoeft te komen.

Vergunningplichtige accommodaties
In de oude regels waren accommodaties die een vaste dansvloer hebben van meer dan 10 m² vergunningplichtig. Dit betekent dat ze niet vallen onder de algemene regels van de AMvB maar een aparte op hun situatie toegeschreven vergunning moesten aanvragen. Dit kost uiteraard leges. De norm van de vaste dansvloer was onwerkbaar. Nu zijn inrichtingen die permanente voorzieningen hebben om meer dan 2000 bezoekers te herbergen vergunningplichtig. Dit betekent dat geen enkele gemeenschapsaccommodatie meer vergunningplichtig is. De voorschriften bij nu geldende vergunningen blijven in ieder geval nog drie jaar gelden als nadere eis.

De gemeente en de uitvoering van de wet
De gemeente wil organisaties en accommodaties behulpzaam zijn bij het realiseren van milieudoelstellingen. De gemeentelijke milieudienst of -afdeling kan de weg wijzen bij het treffen van bijvoorbeeld energiebesparende maatregelen of maatregelen op het gebied van afvalpreventie. De gemeente is ook de aangewezen instantie om te controleren of de voorschriften uit deze nieuwe milieuregels worden nageleefd. Dat betekend dat de gemeente controles uitvoert door middel van regelmatige bedrijfsbezoeken. De gemeente kan, als ze dat nodig vindt, nadere eisen stellen op bepaalde onderdelen. Het stellen van een nadere eis is gebonden aan procedurestappen vastgelegd in de Algemene Wet Bestuursrecht. De gemeente dient in een zorgvuldige motivering duidelijk te maken welke redenen aan het stellen van de nadere eis ten grondslag liggen. Doorgaans wordt vooraf door de gemeente overleg gepleegd met de betreffende organisatie. Tegen de nadere eis kan bezwaar en eventueel beroep bij de Raad van State worden aangetekend.

Veel gemeenten hebben in afwachting van de nieuwe regels geen uitvoering gegeven aan de milieuregels. Dit gedoogbeleid was ook door het Ministerie toegestaan. Nu per 1 oktober 1998 de AMvB is gaan gelden, verwachten wij dat gemeenten gaan onderzoeken welke accommodaties de geluidsnormen overschrijden. In een aantal gemeenten is dat al gebeurd. In die gevallen heeft de gemeente vaak zelf akoestische rapportages laten maken en vastgesteld of er al dan niet een overschrijding van de geluidsnormen plaatsvindt. Als er geluidsoverschrijdingen plaatsvinden zal een accommodatie zelf moeten aangeven welke bouwkundige maatregelen er getroffen moeten worden om aan de geluidsnormen te voldoen. Hiervoor moet door een gespecialiseerd bureau een geluidsonderzoek worden gedaan. Dit zijn dure onderzoeken. De kosten kunnen flink gedrukt worden door bijvoorbeeld met alle betrokken accommodaties in dezelfde gemeente gezamenlijk een offerte aan te vragen bij meerdere bureaus. In die gevallen kunt u het beste contact opnemen met de gemeente voor ondersteuning of advies.

Nadere informatie
Dit artikel is een samenvatting van de toelichting op de integrale tekst van het Besluit horeca-, sport en recreatie-inrichtingen milieubeheer. De tekst is op 16 juni 1998
verschenen in Staatsblad 322. Het besluit is gebaseerd op artikel 8.40 van de Wet milieubeheer.

Om organisaties behulpzaam te zijn bij de naleving van verplichtingen zijn informatiebladen opgesteld op het gebied van energie- en waterbesparing, preventie en het scheiden van afvalstoffen en lozingen op de riolering. Informatiebladen zijn verkrijgbaar bij de milieudienst of afdeling van uw gemeente.

3.3.4.a Afvalscheiding
1. Zorg dat de voorzieningen om afval aan te kunnen bieden, in orde zijn.
Let er daarbij op dat:
- ongedierte niet bij het afval kan komen;
- containers afsluitbaar en lekdicht zijn en goed gereinigd zijn;
- verontreiniging van voedingsmiddelen en drinkwater wordt voorkomen.
2. Scheid afval altijd in verschillende categorieën. Houd emballage uit de afvalstroom.
3. Sla het afval op de juiste wijze op in de daarvoor bestemde container.
4. Indien in de vuilnisbakken in het gebouw voedingsresten aanwezig zijn, dienen de vuilzakken te worden vervangen

Emballage
1. Maak afspraken over een regelmatige terugname, zodat de voorraad niet oploopt.
2. Sla emballage bij elkaar op één plaats op.
3. Spoel de emballage na gebruik om, om bederf en ongedierte te voorkomen.
4. Verwijder de emballage zo snel mogelijk uit de keuken/barruimte.

Glas
1. Scheid retourglas (emballage) en wegwerpglas goed.
2. Sla wegwerpglas bij elkaar op één plaats op.
3. Spoel het glas eventueel om, om ongedierte te voorkomen.
4. Voer glas regelmatig af naar de glasbak.

Papier en karton
1. Behandel geplastificeerd papier en karton (ook vruchtensap- en melkpakken) als afval zonder hergebruikmogelijkheden.
2. Sla papier en karton bij elkaar op één plaats op.
3. Vouw kartonnen dozen plat, zodat ze minder ruimte innemen of vul ze met oud papier.
4. Verwijder papier en karton zo snel mogelijk uit de keuken/barruimte.
5. Voer papier en karton regelmatig af.

Klein chemisch afval (KCA)
1. Markeer klein chemisch afval (batterijen, lijm en dergelijke) duidelijk en houd afvalstoffen zoveel mogelijk gescheiden (bijvoorbeeld geen vloeistoffen bij elkaar in één
fles gieten).
2. Voorkom dat dit afval met voedingsmiddelen in aanraking kan komen.
3. Sla klein chemisch afval bij elkaar op één plaats op.
4. Voer klein chemisch afval regelmatig af.