Formuleren van doelgroepen

Anders dan in de ‘winkel van Sinkel’, waar het niet uitmaakt wie er wat koopt, wil het bestuur van een welzijnsaccommodatie met een gericht aanbod mensen in het dorp, de wijk of de buurt bereiken. In de statuten treffen we dit aan in de doelen die men zich stelt, de functies die worden aangeboden en de doelgroepen die men daarbij voor ogen heeft.
Doelgroepen zijn de verschillende groepen die gebruik maken van de accommodatie, zoals peuters, jongeren en ouderen, maar ook sporters, cultuurliefhebbers, nieuwkomers e.d. Geregeld stilstaan bij de vraag of de accommodatie voor hen het juiste aanbod heeft is een manier om het gevoerde beleid te toetsen.

Onderzoek

Voordat men gaat onderzoeken of de doelgroepen adequaat worden bediend, moet men zich afvragen:

  • Wie zijn mijn huidige ‘klanten’? Wat is hun behoefte aan:
    • ruimte
    • faciliteiten
    • diensten
  • Welke eisen stelt de gemeente:
    • over welke activiteiten en doelgroepen bestaan afspraken met de gemeente?
    • wat is mijn verzorgingsgebied?
    • mag ik me ook richten op klanten buiten het directe verzorgingsgebied?
  • Wat zijn mijn mogelijkheden en beperkingen qua:
    • accommodatie
    • vrijwilligers en personeel
    • organisatie
  • Welke andere voorzieningen (bijvoorbeeld horeca- of culturele instellingen, zorginstellingen etc.) zijn er in de omgeving en in welke behoeften voorzien zij?

Onderzoeksmethoden

  1. Het houden van een schriftelijke enquête onder de gebruikers (zoals de verenigingen) en/of de inwoners van het verzorgingsgebied. Daarin worden zij gevraagd hun behoeften te uiten.
    (kijk voor voorbeelden bij klanttevredenheidsenquête).
  2. Een mondelinge enquête zal meer informatie en een grotere respons opleveren. Denk aan een gebruikersvergadering en huisbezoeken. Hiervoor kan worden gekozen wanneer men wat dieper op de zaken in wil gaan.
  3. Eenvoudigweg op pad gaan en mensen bevragen.
    • praat met de buurt over de mogelijkheden van de accommodatie en vraag naar hun wensen.
    • bezoek vergaderingen van verenigingen die nog geen gebruik maken van de accommodatie.
    • benader ‘onzichtbare groepen’ via hun sleutelfiguren. Bijvoorbeeld de voorzitter van de buurtvereniging van de nieuwbouwwijk.
  4. Het organiseren van een promotie-activiteit over de mogelijkheden die de accommodatie biedt. Bijvoorbeeld in de vorm van een ‘open dag’. Die kan worden wordt opgeluisterd met activiteiten en optredens. Tijdens zo’n dag kunnen contacten worden gelegd en behoeften worden geïnventariseerd.
  5. Maak gebruik van bestaand onderzoek. Bijvoorbeeld van de vereniging van Plaatselijk Belang, de gemeente, de schouwburg, etc.

Type accommodatie

Als een bestuur dit allemaal in kaart heeft gebracht kan men het aanbod bijstellen of eenvoudig continueren. Dit aanbod is bepalend voor het type accommodatie dat men wil zijn. Deze typen variëren van een uitsluitend op de dorpskern, wijk of buurt gerichte accommodatie tot een volwaardig cultureel centrum in een multifunctioneel gebouw.

Twee sterk afwijkende accommodaties ter illustratie:

  • Een accommodatie met het uitgesproken karakter van buurthuis, wijkcentrum of gemeenschapshuis zal inzetten op activiteiten die bijdragen aan de sociale samenhang in de buurt of de wijk. Men moet elkaar er gemakkelijk en ‘kosteloos’ kunnen ontmoeten. De drempel om aan activiteiten deel te kunnen nemen zal laag zijn.
  • Een gemeenschapsaccommodatie die tevens cultureel centrum is heeft naast een ontmoetingsfunctie voor dorp, wijk of buurtbewoners nog een functie. Mensen gaan daar naar toe voor bijvoorbeeld een theatervoorstelling of een concert. Een dergelijke accommodatie heeft daarom veel meer een bovenwijkse of misschien wel een regionale functie.

Ontwikkelingen

Besturen van welzijnsaccommodaties moeten nu meer dan ooit open staan voor nieuwe ontwikkelingen. Die ontwikkelingen hebben vooral te maken met de verschraling van het aanbod van diensten en functies in kleine kernen. Welzijnsaccommodaties kunnen hier een belangrijke rol spelen door uitbreiding van functies en door samenwerking met anderen.
Te denken valt aan:

  • voorzieningen in het kader van ‘De Brede School’
  • het onderbrengen van zorgvoorzieningen voor ouderen
  • het terugbrengen van diensten op het gebied van banken, zorgverzekeraars, postdiensten, VVV en gemeentelijke informatiediensten.
  • samenwerking met commerciële bedrijven als winkels, buurtsuper, reisbureaus e.d.

Elk bestuur zal moeten nagaan welke rol de accommodatie in deze zou kunnen vervullen. Alleen of in gezamenlijkheid nagaan of het mogelijk of wenselijk is om op die vraag van doelgroepen in te gaan. Als intermediair voor het aanbod van anderen, in een gezamenlijk project, of als een zelfstandig te ontwikkelen functie.

Beleid

Als op basis van het voorgaande de huidige en de nieuwe doelgroepen in beeld zijn gebracht, moet het bestuur bepalen of en hoe er uitvoering aan zal worden gegeven. Dit kan consequenties hebben voor het gevoerde beleid. Dat kan zo ingrijpend zijn dat het beleid (missie en visie) bijgesteld moeten worden.