Omzetten Rechtsvorm

Met omzetting van een rechtspersoon wordt bedoeld de verandering van een rechtspersoon in een ander soort rechtspersoon. Redenen voor omzetting kunnen onder meer zijn gelegen in de behoefte aan een andere organisatie of financiële inrichting. Wanneer een vereniging een juridische fusie wil aangaan met een stichting is het in beginsel zelfs noodzaak dat één van beide overgaat in de vorm van de ander. Het rechtspersonenrecht kent grofweg vier soorten rechtspersonen: de vereniging, de stichting, de n.v. en de b.v.

Van omzetting is sprake wanneer bijvoorbeeld een vereniging de vorm van een stichting wil aannemen, een stichting die van een b.v. enzovoort. De wet stelt voor de omzetting van een vereniging of een stichting in een andere rechtsvorm een aantal vereisten. Wordt aan deze eisen voldaan, dan krijgt de rechtspersoon wel een andere vorm, maar het blijft dezelfde rechtspersoon. Het bestaan van de rechtspersoon wordt door de omzetting niet beëindigd. Alleen de structuur en de vorm veranderen. In het vermogen van de rechtspersoon wordt door de omzetting geen verandering gebracht. Wordt een vereniging omgezet in een stichting, dan wordt het hele vermogen in de stichting ondergebracht en heeft de stichting na omzetting hetzelfde vermogen als de vereniging vóór de omzetting bezat. Dit geldt ook bij het omzetten van een stichting in een vereniging.

Procedure van de omzetting

Aan de omzetting van een vereniging of een stichting in een andere rechtsvorm stelt de wet de volgende vereisten:
a. een besluit tot omzetting;
b. een besluit tot statutenwijziging;
c. een notariële akte.

ad a. Het besluit tot omzetting moet op dezelfde manier worden genomen als een besluit tot statutenwijziging. Is bijvoorbeeld voor de wijziging van de statuten van een stichting de goedkeuring nodig van een derde (bijvoorbeeld een gemeente als subsidiegever) dan is deze goedkeuring ook vereist voor het besluit tot omzetting. Voor het besluit tot omzetting van een vereniging stelt de wet als extra vereiste dat dit besluit moet worden genomen met ten minste negen tiende van de uitgebrachte stemmen.

ad b. De statuten van de om te zetten rechtspersoon moeten worden aangepast aan de structuur van de nieuwe rechtspersoon. Tussen een vereniging en een stichting bestaan immers een aantal verschillen. Zo kent de stichting geen leden en geen algemene vergadering waaraan allerlei bevoegdheden dwingendrechtelijk zijn toebedeeld. Ook de naam van de stichting of vereniging zal moeten worden gewijzigd wanneer zij wordt omgezet in een vereniging of stichting. Het woord stichting of vereniging moet daarin correct worden opgenomen.

ad c. De notariële akte van omzetting moet de nieuwe statuten van de rechtspersoon bevatten. Is voor de omzetting een rechterlijke machtiging vereist, dan verklaart de notaris in de akte van omzetting dat de machtiging op het ontwerp van de akte is verleend.

De vereniging of stichting moet van de omzetting opgave doen in de openbare registers. Dit moet geschieden in het register waarin de rechtspersoon was ingeschreven en in het register waarin hij na de omzetting behoort te zijn ingeschreven.

Rechterlijke machtiging

Voor de omzetting van een stichting, de omzetting in een stichting en de omzetting van een b.v. of n.v. in een vereniging vereist de wet een rechterlijke machtiging. Een machtiging is nodig omdat de genoemde omzettingen ingrijpende veranderingen teweegbrengen die niet direct aan ander toezicht onderworpen zijn. Bij het verzoek om machtiging moet een notarieel ontwerp van de akte worden overlegd om te voorkomen dat de rechter een ontwerpakte krijgt gepresenteerd die ongeoorloofde afwijkingen van het rechtspersonenrecht inhoudt. De rechter zal de machtiging in elk geval weigeren als een vereist besluit nietig is of een rechtsvordering tot vernietiging aanhangig is. Daarnaast kan de rechter de machtiging weigeren indien de belangen van stemgerechtigden die niet hebben ingestemd met de omzetting of van andere bij de rechtspersoon betrokkenen, onvoldoende zijn ontzien. Voor de bescherming van niet stemgerechtigde anderen is het noodzakelijk dat ten minste één van hen zich tot de rechter heeft gewend.

Omzetting van een vereniging in een stichting

Het besluit tot omzetting

Het besluit tot omzetting moet in de vereniging worden genomen door de algemene ledenvergadering. De algemene ledenvergadering is immers het orgaan dat bevoegd is de statuten te wijzigen. De Wet bepaalt bovendien dat het besluit tot omzetting genomen moet worden met ten minste negen tiende van de uitgebrachte stemmen. Deze grote meerderheid is vereist omdat het besluit een ingrijpende verandering teweegbrengt.

Let op! Er wordt een meerderheid van ten minste negen tiende van de uitgebrachte stemmen vereist. Dit betekent dat indien er voor een statutenwijziging geen quotum is vastgesteld en er maar een kleine groep leden op de vergadering aanwezig is, het besluit tot omzetting toch kan worden genomen.

Gevolgen voor het lidmaatschap

Een belangrijk gevolg van de omzetting van een vereniging in een stichting is dat het lidmaatschap verdwijnt. De stichting kent immers geen leden. Het lidmaatschap verandert door de omzetting in een contractuele of organisatierechtelijke rechtsbetrekking met de stichting. Leden van de vereniging die deze omzetting niet wensen, zullen hun lidmaatschap vóór de omzetting moeten beëindigen. De omzetting, die een ingrijpende wijziging brengt in de rechtspositie van de leden van de vereniging, levert een grond op om het lidmaatschap met onmiddellijke ingang op te zeggen binnen een maand nadat hun het besluit tot omzetting is meegedeeld.

Omzetting van een stichting in een vereniging

Het besluit tot omzetting

In de stichting wordt het besluit tot omzetting genomen door het orgaan dat bevoegd is de statuten te wijzigen. Geven de statuten niet de mogelijkheid tot een wijziging, dan kan geen besluit tot omzetting worden genomen. Om in dit geval toch een omzetting mogelijk te maken, kan de rechter worden verzocht de statuten te wijzigen. De rechter kan in de statuten de bepaling opnemen dat het bestuur bevoegd is de statuten te wijzigen. Nadat deze statutenwijziging in werking is getreden, is het bestuur bevoegd het besluit tot omzetting en statutenwijziging te nemen. Aan het besluit tot omzetting van de stichting worden in de wet geen nadere vereisten gesteld. Nu de wet geen speciale meerderheid voor dit besluit eist moet het besluit met dezelfde meerderheid worden genomen als de statuten van de stichting bepalen voor een besluit tot statutenwijziging.

Na de omzetting moeten de statuten een bepaling bevatten dat het vermogen dat de stichting bij de omzetting heeft en de vruchten daarvan niet zonder toestemming van de rechter anders mogen worden besteed dan vóór de omzetting was voorgeschreven. Hetzelfde geldt voor de statuten van een rechtspersoon voor zover het vermogen van de omgezette stichting en de vruchten daarvan krachtens fusie zijn overgegaan. De reden hiervoor is dat het vermogen dat in de stichting is bijeengebracht ter verwezenlijking van een in de statuten omschreven doel, niet na omzetting ten behoeve van een ander doel mag worden aangewend.

Gevolgen voor de bij de stichting betrokkenen

Op het moment dat de omzetting van een stichting in een vereniging van kracht wordt, moet de vereniging leden kennen. De leden van het bestuur van de stichting zullen veelal lid van de vereniging worden. Zij die bij de stichting betrokken zijn, bijvoorbeeld als aangeslotene of als donateur, worden niet vanzelf lid van de vereniging. Wel zal hen tijdens of na de omzetting in het algemeen de gelegenheid worden geboden om als lid van de vereniging toe te treden.

Bron: Handboek voor bestuurders en directie van stichtingen en verenigingen.